U bent hier

Zeldzame riviermossel lift mee met langszwemmende vissen

1-08-2021|DOORARK Natuurontwikkeling

Al ruim vijftig jaar komt de Bataafse stroommossel niet meer voor in Nederland. Deze zeldzame riviermossel gebruikt vissen voor de verspreiding van larven. Alle seinen lijken nu op groen te staan voor een terugkeer. Dat zou goed nieuws zijn, want de Bataafse stroommossel kan een belangrijke bijdrage leveren aan de waterkwaliteit van de Nederlandse rivieren.

Bataafse stroommossel

De Bataafse stroommossel (Unio crassus) komt voor in een groot deel van Europa. Het is een soort die te vinden is in (snel)stromende delen van de rivier. Ook in de Nederlandse rivieren kwam vroeger deze riviermossel voor, die in de jaren zestig van de vorige eeuw uit ons land verdween. Dit werd waarschijnlijk veroorzaakt door de slechte waterkwaliteit van de rivieren, waar de Bataafse stroommossel erg gevoelig voor is.

De Bataafse stroommossel is een zeldzame riviermossel met een boeiende levenswijze. Foto: Ioan Sirbu
De Bataafse stroommossel is een zeldzame riviermossel met een boeiende levenswijze. Foto: Ioan Sirbu

Deze inheemse zoetwaterschelp wordt nu niet meer aangetroffen in Nederland en ook in bijvoorbeeld Duitsland is de verspreiding van de Bataafse stroommossel met 90% afgenomen. Andere mosselsoorten, zoals de schildersmossel (Unio pictorum) en de bolle stroommossel (Unio tumidus) zijn minder kritisch en zijn daarom nog steeds te vinden in langzaam stromende of stilstaande wateren langs de rivieren. De Bataafse stroommossel stelt echter hogere eisen aan zijn leefomgeving en is gevoelig voor verontreiniging, lage zuurstofgehaltes, zout en nutriënten. De afgelopen jaren is de waterkwaliteit flink verbeterd en zijn de rivieren mogelijk geschikt geworden voor herintroductie van deze soort. ARK Natuurontwikkeling heeft samen met Bureau Waardenburg en de Radboud Universiteit uit Nijmegen de hoge eisen van de Bataafse stroommossel op een rij gezet en de Nederlandse rivieren hieraan getoetst.

Mossel en vis

De Bataafse stroommossel heeft een boeiende levenswijze. Zo is de soort voor zijn verspreiding afhankelijk van vissen. Nadat de vrouwtjes hun eicellen hebben bevrucht met sperma dat door de mannetjes het water in is gestoten, ontwikkelen de mossellarven zich. Vervolgens bewegen de vrouwtjes naar ondiepere oeverzones. Daar worden de larven de lucht in gespoten om even verderop in het water te belanden. De larven hechten zich aan de kieuwen van langszwemmende vissen. Er zijn zes vissoorten zeer geschikt als tijdelijke gastheer: Driedoornige stekelbaars (Gasterosteus aculeatus), Kopvoorn (Squalius cephalus), Ruisvoorn (Scardinius erythrophthalmus), Rivierdonderpad (Cottus gobio), Sneep (Chondrostoma nasus) en Elrits (Phoxinus phoxinus), maar ook andere vissoorten kunnen het gastheerschap op zich nemen. De vissen hebben het soms zwaar te verduren als er veel larven op hen parasiteren. Na een paar weken, als er voldoende bloed is opgenomen om een groeispurt te maken, laten de jonge mosselen los en zinken naar de bodem. Daar ontwikkelen ze zich gedurende enkele jaren verder tot volwassen mossel.

Geschikt habitat voor de Bataafse stroommossel. Foto: Ioan Sirbu
Geschikt habitat voor de Bataafse stroommossel. Foto: Ioan Sirbu

Biobouwer

De Bataafse stroommossel komt in sneller stromende delen van de rivier voor dan de andere zoetwatermosselen. Hij vervult een rol als biobouwer en biodiversiteitskatalysator. De mosselen hebben een sterke invloed op hun omgeving. Door het filteren van water (3 tot 4 liter water per uur) verbetert de waterkwaliteit. Hoe meer mosselen er zijn, hoe meer water er gezuiverd wordt. Ze beïnvloeden ook de voedselkringlopen door de afscheiding van uitwerpselen en omwoeling van de rivierbodem, wat de voedselbeschikbaarheid voor bijvoorbeeld vissen vergroot. Op de schelpen groeien kleine wieren, die weer gegeten worden door slakken. Daarbij bieden de mosselen gezamenlijk een natuurlijk hechtingsmogelijkheid voor allerlei kleine ongewervelde dieren, die in (snel)stromende delen van de rivier voorkomen. Soorten zoals verschillende schietmotten (Trichoptera), haften (Ephemeroptera) en de rivierbodemwants (Aphelocheirus aestivalis) vinden beschutting en voedsel in de nabijheid van de mosselen. De mosselbanken kunnen bovendien ook dienen als vervanging van grind, waar vissen eieren af kunnen zetten.

Tijd voor terugkeer

Kansenkaart geschikte gebieden voor Bataafse Stroommossel
Kansenkaart geschikte gebieden voor Bataafse Stroommossel

De Bataafse stroommossel is beschermd en in het kader van de Kaderrichtlijn Water (KRW) en Natura2000 moeten beschermingsmaatregelen genomen worden voor voortplantings- en rustplaatsen van deze soort. De Nederlandse rivieren lijken geschikt te zijn voor duurzame populaties van de Bataafse stroommossel. Voor de haalbaarheidsstudie is gebruik gemaakt van langjarige kwaliteitsmetingen van Rijkswaterstaat. Van een achttal punten in de Maas en de verschillende Rijntakken zijn de chemische parameters pH, zuurstofgehalte, ammonium-, fosfaat, -nitriet, en nitraat-concentraties naast de bekende eisen van de Bataafse stroommossel gelegd (punten: Belfeld, Eijsden, Hagestein, Kampen, Keizersveer, Lobith, Stevensweert en Vuren). De fosfaatconcentratie is de enige factor die regelmatig boven de randvoorwaarden van de Bataafse stroommossel ligt. Op alle locaties zijn de concentraties wel aan het afnemen en zijn de concentraties in de Rijntakken slechts van korte duur boven de grenswaarde van de Bataafse stroommossel.

De fysieke omstandigheden lijken in alle rivieren gunstig voor de Bataafse stroommossel. Meestromende nevengeulen met (deels) geleidelijk oplopende flauwe oevers zijn het meest geschikt vanwege de hoge dichtheid aan geschikte gastheren en de verminderde negatieve invloed van de scheepvaart. Het is niet waarschijnlijk dat de soort op eigen kracht deze wateren zal bereiken, aangezien deze in de bovenstroomse delen van de Maas en de Rijn nagenoeg is uitgestorven. De doorslaggevende factor is de aanwezigheid van de vissoorten, die als gastheer kunnen optreden voor de larven. Uit de visgegevens van de hoofdgeulen blijkt dat de variatie aan geschikte gastheren beperkt is. Als de gegevens van enkele nevengeulen worden bekeken blijkt dat hier een grote gemeenschap van potentiële gastheren aanwezig is.

Alle factoren bijeen genomen lijken de rivieren er klaar voor om Bataafse stroommosselen geschikt leefgebied te bieden. De soort is een belangrijke ontbrekende schakel in de sneller stromende delen van de rivier, waar andere mosselsoorten niet voorkomen. Dit maakt de Bataafse stroommossel, die aan de basis staat van de voedselketen, misschien wel even belangrijk als de zalm en de otter?

Klik hier voor de haalbaarheidsstudie die mogelijk is gemaakt door de grensoverschrijdende samenwerking van de Groen Blauwe Rijn Alliantie.