U bent hier

Overstromingen Grensmaasvallei en Geuldal

15-07-2021|DOORARK Natuurontwikkeling

Afgelopen dagen heeft het Limburgse heuvelland weer eens geweten hoe het ooit is ontstaan: door ongelofelijke hoeveelheden wild en woest water. Dit water stroomde vanuit een hooggelegen plateau naar lager gelegen gebieden, en had daarbij de kracht om grote dalen en ontelbaar veel kleine zijdalen  uit te slijten. Met heuvels als eindresultaat. Dat is in een notendop de geologische geschiedenis van Zuid-Limburg.

Die heuvels werden afgelopen dagen geteisterd door ongekende hoeveelheden regen. Regen in Zuid-Limburg en regen uit het achterland van België en Duitsland. Het kwam vervolgens vanaf hoger gelegen gebieden in grote massa’s aangestroomd. Vanaf de kletsnatte Limburgse plateaus ging het razendsnel de steile hellingen omlaag, de beekdalen in. Het sleurde löss, takjes en rommel mee. In ijltempo kwam óók het water uit de heuvels en bergen van onze buurlanden (Eifel en Ardennen).

Nog nooit werd de Maas in de zomer zó hoog. Ze bereikte hartje zomer ongeveer het niveau van kerstmis 1993, het beruchte rampjaar. Nog nooit zagen we de heuvellandriviertjes zoals Geul, Gulp, Selzerbeek, Eijserbeek, Worm, Jeker en Geleenbeek zó snel stijgen en zó immens breed worden. Nog nooit gebeurde dat allemaal tegelijkertijd! Uit alle hoeken gaten kwam het water tevoorschijn. De beelden zijn bekend: ondergelopen huizen, kelders, straten, bruggen, auto’s, campings en ondergelopen natuur. Nog nooit waren instanties, weerdeskundigen, bewoners, agrariërs, toeristen en natuurbeheerders zó overvallen. Iedereen kent de klimaatvoorspellingen, maar dit, nu, hier?

Hoogwater in het Gulpdal
Hoogwater in het Gulpdal

In Nederland bestaan de oevers van de Grensmaas en veel oevers van de zijrivieren uit natuur. En de meeste natuurgebieden worden begraasd door paarden en runderen. Bekend zijn de grote begrazingsgebieden langs de Grensmaas, waar aan weerszijden honderden paarden en runderen grazen. Op kleinere schaal zijn zulke gebieden te vinden langs de Geul.

Langs de Maas zijn de grazers gewend dat de uitwaarden jaarlijks overstromen. Ze kennen de vluchtroutes naar het droge. De beheerder kent de instroompatronen van het water ook en stuurt de grazers zo nodig bij om ze in veiligheid te brengen.  Afgelopen dagen was het alle hens aan dek voor de kuddebeheerders. Van ‘s morgens vroeg tot diep in de nacht. Terwijl velen al half in vakantiesferen waren, moesten plotseling alle noodplannen uit de la getrokken worden, hulptroepen  georganiseerd worden, evacuatieplannen gemaakt worden en hoogtekaarten opnieuw bestudeerd worden. Helaas gooide het water in het heuvelland ook weer roet in het eten bij alle mooie evacuatieplannen: tal van wegen waren afgesloten, geen trailer of vrachtauto kon er door. Snel schakelen en plannen weer aanpassen was het devies. De grazers staan nu droog, weliswaar niet in uitgestrekte droomweides, maar veilig en droog, samen met hun sociale groep. En dat is het belangrijkste.

De grote grazers langs de Geul hebben zelden te maken met overstroomde oevers. Daar ligt de Geul immers diep en de oevers hoog door honderden jaren van grondophoping in het dal als gevolg van afspoeling van de hellingen. De kans dat het water de breedte in gaat, is daardoor minder groot. Grazers variëren in leeftijd van nul tot 15 jaar (runderen) of nul tot 25 jaar (paarden); de meesten hebben dan ook nog nooit een overstroming meegemaakt. En zeker niet eentje als deze. Dat geldt ook voor de beheerders. Misschien nog meer dan langs de immense Maas was het een opgave om dieren naar veiliger oorden te brengen. Dit werd bemoeilijkt doordat het water hier ongekend snel steeg. Ook had het Geulgebied te maken met het drama van overstromende dorpen, overstroomde koeienstallen et cetera, in tegenstelling tot de Grensmaas, waar het Grensmaasproject voor extra veiligheid heeft gezorgd.

De hectiek en paniek aan de Geul was enorm groot. Op één plek, bij Wijlre, gebeurde het dat de runderen zo schrokken van passerende toeristen, dat ze vlak voor de opening naar hun evacuatieweide in paniek terug het water in renden, in hun eigen gebied, en uitkwamen op een klein, min of meer droog eiland met populieren. De kudde bleef een nacht lang rustig afwachten. Ze waren veilig en samen. In de ochtend nam de oude stier (meer dan 10 jaar) het besluit om weg te zwemmen. De koeien volgden, evenals een kalf. Koeien en kalf staken zelfs de woeste Geul over om te eindigen op een droog stukje aan de overkant. Inmiddels zijn ze ook weer teruggezwommen naar hun eerste eiland, omdat daar twee jonge dieren waren achtergebleven. De oude stier had zich zelf helaas overschat en overleefde de oversteek niet. Dit is natuurlijk pijnlijk, voor iedereen die erbij betrokken was. Voor zo ver nu bekend zijn op de andere plekken in het (Beneden-) Geuldal geen ongelukken gebeurd. Ook in de begrazingsgebieden van de Boven-Geul, bij het Belgische Plombieres konden de runderen op eigen initiatief naar de hogere en veilige hellingen toe trekken.

De hoge waterafvoeren zijn uitzonderlijk. Ook langs de Grensmaas passeerde er meer regenwater dan voorheen. Dankzij het Grensmaasproject, waarbij de Maas meer ruimte heeft gekregen door grindwinning, waren de waterstanden daar toch 1 tot 2 meter lager dan voorheen en is bovendien een prachtig natuurgebied ontstaan.

Door de hoge waterafvoeren langs Geul en Maas zijn onze kuddebeheerders al dagen druk om zo goed mogelijk voor de grote grazers te zorgen. Noordelijker langs de Waal zijn verplaatsingen naar hoger gelegen gronden nog volop aan de gang. Dringend verzoek aan het publiek is om de dieren niet op te zoeken en te zorgen dat ze rust krijgen. De oproep is dan ook om de uiterwaarden tijdens hoogwater te mijden.