U bent hier

Terugblik: veldlessen de afgelopen 25 jaar

9-05-2018|DOORARK Natuurontwikkeling

Caroline van der Mark, ecoloog bij ARK, neemt je mee.

In de Leeuwense Waard worden veldlessen gegeven sinds 1996. Zodat op diverse scholen in het Land van Maas en Waal inmiddels een leerkracht voor de klas staat die zelf ook ooit veldles kreeg. Zij komen nu enthousiast en met herinneringen van toen terug met hun klas. Ook PABO studenten die stage lopen op “hun oude school” komen regelmatig mee als begeleider van een klas bij een veldles bezoek. Ook zij hebben levendige en goede herinneringen aan toen ze zelf als kind veldles meemaakten. Dat levert leuke gesprekken op over toen en nu. Enerzijds is er best veel veranderd door de jaren heen, maar dat kinderen veldles nog altijd superleuk vinden is van alle tijden.

Laten we eens kijken naar de altijd succesvolle opdracht “minirivier gieten” als voorbeeld: behalve de onvermijdelijke waterpret, probeert deze opdracht de kinderen spelenderwijs te laten ervaren hoe water stroomt en daardoor een werking, heeft. Het gaat om erosie en sedimentatie, misschien moeilijke woorden, maar het proces is simpel te demonstreren door water over zand te laten stromen.

Water heeft kracht, stromend water transporteert zand en steentjes. En wat mee stroomt blijft liggen waar het water langzamer stroomt of tot stilstand komt. Zo is ons land ontstaan, daar waar water, vanuit de bergen in het binnenland, uitmondt in de zee. Daar vormde zich een delta, met rivierarmen en zandbanken, kleiafzetting en veengroei.

Wonderlijk genoeg werkt dit principe al op heel kleine schaal, een aantal emmers om water omhoog te halen, een zandstrandje en aan de slag! Het is wel flink zeulen met dat water….maar vele handen maken licht werk. De uitdaging bij deze opdracht is dat er niet meteen gravende en dijk bouwende handjes aan te pas komen. Stromend water heeft vormkracht: iets hoger op het strand beginnen met water gieten, zodat daar een nieuwe minirivier ontspringt. Met de Waal als eindpunt van dit stromende water, die dan dus even de rol heeft van mini-Noordzee, soms zelfs met echte golven door passerende schepen!

Het water moet rustig gegoten worden, maar dat is moeilijk met een volle zware emmer. Het gieten lijkt dan soms meer op een tsunami dan op een stromende rivier….waardoor er al snel een diep gat in het zand ontstaat.

Dus veranderingen ontstonden door de jaren heen. We gingen eerst een gebergte neerleggen, een stenenhoop (jazeker, mini Alpen), daar overheen gieten was al succesvoller. Vervolgens zijn ook emmers lek gemaakt, gewoon met een zakmes een gat in de bodem gesneden. Zo’n emmer wordt bovenop die berg stenen gezet en door die emmer steeds te vullen is een bergbeek geboren. De waterstroom wordt hierdoor meer constant, in plaats van af en toe een grote plens, is er rustig uitstromend water. Eerst over de stenen en daarna vlechtend en meanderend verder naar beneden stromend, naar de Waal. Daar ontstaat dan werkelijk een mini delta, met zich steeds verleggende waterstromen en eilanden. Zo is een kaart van onze Zeeuwse eilanden al meermalen in het zand ontstaan.

Het vraagt geduld, een minuut of tien gieten is wel nodig, maar het resultaat is prachtig en verrassend. Groot gejuich als het stromende water uiteindelijk echt “de zee” bereikt! De kinderen zien zelf zand- en steentjes transport door waterstroming. Ook echte erosie, het ontstaan van stijlrandjes door afbrokkeling van de zijranden van de watergeultjes.  Aan het eind blijven er altijd een paar onvermoeibare waterdragers bezig, maar anderen beginnen natuurlijk dammen en dijken aan te leggen, zoals echte Hollanders blijkbaar altijd al doen….