U bent hier

Otter

In Gelderland en Limburg wordt hard gewerkt aan de terugkeer van de otter langs de rivieren. Dit in navolging van Overijssel en Friesland. In de afgelopen decennia is de waterkwaliteit van beken en rivieren immers fors verbeterd en is natuur in uiterwaarden en beekdalen hersteld. Met nog wat extra inspanningen kunnen op korte termijn langs de Rijntakken en de Maas nieuwe otterpopulaties tot ontwikkeling komen. Hiertoe is in 2010 het project “Otters in rivierenland” begonnen. ARK werkt daarin mee aan herstel van otterleefgebied, het otterveilig maken van kruispunten van wegen en watergangen en aan het uitzetten van otters om een brede genetische basis te waarborgen.

Otter Tekening: Jeroen Helmer
Otter, tekening: Jeroen Helmer

bergafwaarts...

Otters halen hun voedsel hoofdzakelijk uit het water. Dat is ze de vorige eeuw noodlottig geworden. Toen werden grote hoeveelheden vervuilende stoffen in het water geloosd via ongezuiverd afvalwater. Ook veelvuldig gebruik van giftige bestrijdingsmiddelen zorgde voor ernstige waterverontreiniging. Dit ging ten koste van het waterleven en de otter. Otters staan namelijk als roofdier aan het einde van de voedselketen. Ze leven van dieren die weer van kleinere dieren leven enzovoort, tot aan de allerkleinste waterbewoners. De otter krijgt daardoor binnen wat zijn prooidieren aten, inclusief de gifstoffen. Het gif stapelt zich op in de organen en vetlaag en dat schaadt zijn gezondheid en vruchtbaarheid.

... en weer op

Gelukkig is sinds de jaren ’80 en ‘90 de waterkwaliteit van de grote rivieren en beken sterk verbeterd. Een belangrijke impuls sinds 2000 is de Kaderrichtlijn Water. Deze zorgt ervoor dat de verantwoordelijke autoriteiten maatregelen nemen om de hoge gehaltes aan bestrijdingsmiddelen en nutriënten in het water te verlagen. De terugkeer van de otter staat dan ook symbool voor het succes van deze maatregelen. De visstand in beken en rivieren is inmiddels flink verbeterd. Dat is mede te danken aan de bouw van vistrappen in rivieren en beken, waardoor barrières voor vismigratie zijn geslecht. Bovendien zijn door de aanleg van nevengeulen ten behoeve van hoogwaterbescherming langs de Rijntakken, goede paaiplaatsen ontstaan.

Ook de oevers hebben een flinke opknapbeurt ondergaan, of worden binnenkort aangepakt. Tal van planten en dieren profiteren van deze grootschalige natuurontwikkeling in beekdalen en uiterwaarden. Deze liggen nu gereed om de eerste otters een warm welkom te bieden.
 

Dwaalfilm.eu: De Otter keert terug in de Gelderse Poort

come-back

De otter is in Nederland bezig met een heuse come-back. Dit is te danken aan herintroducties vanaf 2002 in de laagveenmoerassen in de Kop van Overijssel en Zuidoost-Friesland. Momenteel is er sprake van een kleine, maar groeiende populatie van circa 50-60 dieren. Het huidige leefgebied raakt inmiddels vol en de dieren gaan vanuit de drie uitzetgebieden - Wieden, Weerribben en Rottige Meente - op zoek naar nieuwe territoria. Ook in de ruime omgeving beginnen zich nu dieren te vestigen. Bijzonder is de vestiging van otters bij Doesburg/Doetinchem langs de Oude IJssel, op circa 80 km van de uitzetlocatie. Hoewel het moederdier in 2008 is gesneuveld in het verkeer, zijn haar jongen hier nog steeds actief. 

Leefwijze

Otters zijn echte waterdieren, die vooral leven in oeverzones. Ze zijn voornamelijk 's nachts actief, maar soms ook overdag, zeker in rustige gebieden. De otter kan uitstekend zwemmen en duiken; hij kan zelfs tot 4 minuten onder water blijven!
Otters leven solitair, uitgezonderd de vrouwtjes met jongen. De informatie uitwisseling onderling gaat via geursporen in de uitwerpselen (spraints). Die worden daarom op opvallende plekken langs de oevers gedeponeerd. Zo weten ze of een plek al bezet is en door wie. De otter eet voornamelijk kleine witvis, maar ook baars, snoek, paling en karper. Hij eet ook amfibieën, watervogels, ratten, kreeften, mosselen en grotere insecten, in feite alles wat hij in en rond het water aantreft. In helder water spoort de otter zijn prooi met zijn ogen op. In troebel water schakelt de otter over op zijn snorharen, waarmee hij de bewegingen van vissen in het water kan voelen. Ofschoon otters een reputatie hebben als waterbewoner, zijn ze gewend ‘s nachts grote afstanden (vele kilometers) lopend af te leggen langs de oevers. Glad gemaaide oevers mijden ze liever. Dekking in de vorm van riet, ruigte of struweel hebben ze nodig om in te rusten en zich terug te trekken, maar ook om zich door te verplaatsen. Voor de otter is ecologisch herstel van de beek- en rivieroevers dan ook net zo belangrijk als het herstel van de wateren.