U bent hier

Dynamisch uiterwaardbeheer

Voordat we hoge dijken bouwden en rivieroevers werden vastgelegd met kribben, bepaalden rivieren hun eigen loop. Rivieren lagen daardoor niet, zoals nu, jarenlang op nagenoeg dezelfde plek, maar verlegden zichzelf continu. In haar zoektocht naar nieuwe wegen nam een rivier regelmatig zonder pardon struiken, bomen of zelfs hele ooibossen met zich mee. Op andere plekken trok de rivier zich juist terug en ontstond een voedingsbodem voor nieuwe natuur. Grote grazers als runderen, paarden, edelherten en elanden, maar ook de knagende bever zorgden bovendien op natuurlijke wijze voor een remming van de ontwikkeling van ruigten en bossen. Er was volop dynamiek.

Grote grazers remden van oudsher al de ontwikkeling van bossen in de uiterwaard. Foto: Twan Teunissen
Grote grazers remden van oudsher al de ontwikkeling van bossen in de uiterwaard. Foto: Twan Teunissen

Korset van dijken en kribben

Tegenwoordig hebben rivieren minder ruimte, doordat er dijken zijn aangelegd dichter bij de rivier. De rivier zelf is vastgelegd met kribben. De rivier overstroomt nog steeds, maar wel in een door de mens bepaald, klein gebied. Alleen in de uiterwaarden, de ruimte tussen het water en de dijk, kan het rivierwater tijdens overstromingen nog buiten de oevers treden.

Nu de natuurlijke (meander)krachten van de rivier aan banden zijn gelegd, is de rivier niet meer in staat om struiken of bossen te laten verdwijnen. Dit terwijl een teveel aan planten en bomen in de uiterwaarden de doorstroming belemmert en zo zorgt voor ongewenste opstuwing van de rivier tijdens extreem hoogwater. Als reactie hierop worden de dijken verhoogd, verbreed en versterkt. Ook worden struiken, planten en bomen die groeien in de uiterwaarden weggehaald, om zo meer ruimte te creëren voor het water. 

Dynamisch uiterwaardbeheer biedt ontwikkelingruimte voor mozaieklandschappen, pioniergemeenschappen en ooibossen.
Dynamisch uiterwaardbeheer biedt ontwikkelingruimte voor mozaieklandschappen, pioniergemeenschappen en ooibossen.

Dynamische natuur én droge voeten?

ARK Natuurontwikkeling zet zich in voor robuuste natuur waar natuurlijke processen een grote rol spelen en waar zo weinig mogelijk ingegrepen wordt. Maar deze natuurgerichte aanpak past niet altijd bij de wens van de rivierbeheerder om de weg van de rivier vrij te houden van teveel begroeiing als planten en bomen, om zo een goede afvoer van het water naar zee te kunnen garanderen.

Met het project Dynamisch uiterwaardbeheer laten we zien dat (het terugbrengen van) de natuurlijke dynamiek van het riviergebied wel degelijk samen kan gaan met hoogwaterveiligheid. Onze gedachte is dat kiezen tussen dynamische natuur óf droge voeten niet nodig is, door ecologisch en rivierkundig beheer te combineren. Om dit idee te toetsen, zijn we een pilot gestart in natuurgebied de Gelderse Poort bij Nijmegen, aan de Waal. Met Staatsbosbeheer, Wereld Natuurfonds, bureau Stroming brengen we daar onze ideeën over dynamisch uiterwaardbeheer in de praktijk. Daarin werken we samen met Rijkswaterstaat.

Drie sporen

Deze nieuwe vorm van beheer kent drie sporen: obstakels verwijderen, ontwikkeling op natuurlijke wijze vertragen en de processen van de rivier nabootsen. Vaak worden natuurlijke obstakels als struiken en bomen uit de uiterwaard gehaald, om zo een goede waterafvoer te garanderen. In onze pilot verwijderen we in plaats daarvan onnatuurlijke obstakels, zoals ophogingen en kades die niet meer in gebruik zijn. Bevers, paarden en runderen en in de toekomst hopelijk ook herten spelen een belangrijke rol. Met hun natuurlijke graasgedrag vertagen deze dieren op natuurlijke wijze de groei van struiken en bomen. Van het diverse ooibosrijke landschap dat hierdoor ontstaat profiteren vervolgens dieren die thuishoren in een uiterwaard, zoals de bever, de zeearend en – wie weet – in de toekomst ook de zwarte ooievaar. Deze vertraagde groei draagt ook nog eens bij aan de hoogwaterveiligheid.

Vele dieren, zoals de bever, profiteren van dynamisch uiterwaardbeheer.
Vele dieren, zoals de bever, profiteren van dynamisch uiterwaardbeheer.

Wanneer het verwijderen van obstakels en de inzet van grazers nog niet voor voldoende doorstroming van het rivierwater zorgt, passen we cyclische verjonging toe. Hierbij bootsen we de natuurlijke werking van de rivier na. Waar de meanderende rivieren van vroeger struiken, bomen of zelfs hele ooibossen wegvaagden, doen wij dat nu in haar plaats. Bijvoorbeeld door oeverwallen weg te graven, nieuwe nevengeulen aan te leggen, of het maaiveld te verlagen door de bovenste kleilaag te verwijderen. De aanwezige begroeiing wordt hierbij ook meegenomen. Op het eerste oog lijkt dat misschien niet gunstig voor de natuur, maar het tegendeel is waar: door deze ‘reset’ ontstaat weer ruimte voor nieuwe pioniers. De grotere diversiteit aan planten die hierdoor in het gebied ontstaat, biedt ruimte aan meer verschillende soorten dieren en zorgt zo voor een gigantische ecologische rijkdom. En dat alles zonder dat dit ten koste gaat van de hoogwaterveiligheid!