U bent hier

Nederlands grootste natuurgebied

Een rif vol felgekleurde anemonen en zachte koralen bedekt de bodem. Vissen krioelen door elkaar. Een zeester wrikt geduldig een kakelverse mossel open: twee armen aan de rechterklep, drie andere armen aan de linkerklep. In de verte glijdt een negen meter lange reuzenhaai traag en onverstoorbaar met opengesperde bek door het zoute water. Welkom in Nederlands wonderschone onderwaterwereld.

Een schelpdierrif als dit hoort thuis in onze eigen Noordzee. Foto: Floor Driessen
Een schelpdierrif als dit hoort thuis in onze eigen Noordzee. Foto: Floor Driessen

Van voedselleverancier tot klimaatbuffer

Met 57.000 km² - ruim zestig keer de Veluwe - is het Nederlandse deel van de Noordzee ons grootste natuurgebied. Er leven 220 verschillende soorten vis, van stekelrog tot zeebaars. Zeehonden, walvissen, dolfijnen en bruinvissen zijn regelmatig te zien en het barst in en om de zee ook nog van de vogels, krabben, kreeften, schaal-, schelp- en andere weekdieren. En ook voor haaien hoef je niet naar het buitenland, want in onze eigen Noordzee vind je maar liefst negen soorten: van de kleine, veel voorkomende hondshaai tot aan sporadisch zelfs de gigantische reuzenhaai, de een-na-grootste vis ter wereld.

In de Noordzee liggen enorme kansen om unieke, (bijna) verdwenen soorten als de vleet en de zee-engel terug te brengen. En om de Noordzee weer veel rijker te maken. Goed voor de natuur, én voor ons. Want een gezonde zee produceert enorme hoeveelheden vis, schaal- en schelpdieren, waar de Nederlandse visserijsector en consumenten al eeuwen van profiteren. Met hun gigantische stromingen – van de tropen tot aan de polen – zijn oceanen en zeeën bovendien de motor achter onmisbare, mondiale systemen. En niet het tropisch regenwoud, maar het plankton in onze zee is de belangrijkste leverancier van zuurstof. Voor ons drinkwater, ons weer, het klimaat, veel van ons eten en zelfs de lucht die we inademen, zijn we afhankelijk van de zee.

Op weg naar een rijke en levende Noordzee. Tekening: Jeroen Helmer
Op weg naar een rijke en levende Noordzee. Tekening: Jeroen Helmer

Een natuurgebied met enorme potentie

Om de Noordzee haar werk zo goed mogelijk te kunnen laten doen, hebben ARK en Wereld Natuur Fonds de handen ineen geslagen. Sinds 2020 zetten ze zich samen in voor het weer sterk maken van de Noordzee. Zodat er balans ontstaat tussen allerlei soorten onderwaterdieren en er weer ruimte is voor wilde onderwaternatuur.

Een ambitieuze opgave, programmamanager Karel van den Wijngaard beaamt het direct. “Maar”, vult hij aan, “we doen dit vol vertrouwen. Want hoewel de biodiversiteit in de Nederlandse wateren met 60 procent enorm is gedaald en voedselketens onder grote druk staan, weten we ook dat de Noordzee de potentie heeft om relatief snel te herstellen.” Zo is de Noordzee verrassend rijk aan voedingsstoffen. Kringlopen van mineralen zijn op zee groots en rijk. Voortplanting onder water gaat in gigantische hoeveelheden: vissen leggen duizenden eitjes, schelpdieren zoals oesters zelfs miljoenen. Van den Wijngaard: “Die vitaliteit en veerkracht geven de Noordzee een enorme potentie en maken herstel van de Noordzeenatuur daadwerkelijk mogelijk.”

Liefdesnestje voor vissen, kustbeschermer voor ons

ARK wil de Noordzeenatuur een duwtje in de goede richting geven, om de Noordzee vervolgens weer zelf het werk te laten doen. Vanuit die visie zetten ARK en WWF zich onder meer in voor het herstel van schelpdierriffen: natuurlijke bastions van soorten als platte oester en mossel op de bodem van de zee. Net als koraalriffen in tropische gebieden vormen deze schelpdierriffen een kraamkamer en rustgebied voor vissen en andere zeedieren. De soortenrijkdom is er tot wel 60 procent hoger dan op nabijgelegen zandige bodems. De riffen filteren bovendien het water, slaan CO2 op en breken de golven, waardoor ze onze kust beschermen.

De bodem van de Noordzee bestond ooit voor zo’n 30 procent uit schelpdierriffen, maar door overbevissing en ziektes zijn daar nu nog maar een paar van over. Vanwege hun grote waarde voor de Noordzeenatuur, zetten ARK en WWF zich in voor het opnieuw laten ontstaan van deze riffen. 

 

Van vleet tot schelpdierrif - en alles ertussenin

Waar schelpdieren de kleine redders van de Noordzee zijn, zijn haaien en roggen de grote helden: ze spelen een cruciale rol in het voedselweb van de zee. De in onze Noordzee inmiddels uitgestorven, bijna drie meter lange vleet, een reuzenrog, voedde zich bijvoorbeeld met kleinere roggen en haaien, die op hun beurt weer jagen op onder andere krabben en zeesterren. Doordat een groot deel van de oorspronkelijk aanwezige haaien en roggen zijn verdwenen, hebben zeesterren en krabben nu vrij spel: ze storten zich massaal op schelpdieren. Om de balans weer terug te krijgen, is de terugkeer van verschillenden soorten haaien en roggen in de Noordzee erg belangrijk, vertelt projectleider Gijs van Zonneveld. “Door geschikte leefgebieden te ontwikkelen en waar nodig en mogelijk haaien en roggen te herintroduceren, bieden we deze soorten een helpende hand bij hun terugkeer.”

De reusachtige vleet willen we graag terugkrijgen in de Nederlandse Noordzee. Foto: Peter Verhoog, WWF
De reusachtige vleet willen we graag terugkrijgen in de Nederlandse Noordzee. Foto: Peter Verhoog, WWF

Visserij en natuur combineren

Onze Noordzee lijkt wellicht groot en leeg, maar het is er enorm druk. Er zijn windparken en daarvan zullen er steeds meer komen. Honderden schepen doorkruisen de Noordzee elke dag. Vissers vangen er hun vis. Er wordt naar olie en gas geboord. Er wordt zand gewonnen. Defensie houdt er oefeningen. En zo wordt er op bijna elke kilometer van die immense oppervlakte aanspraak gemaakt. ARK en WWF willen met partijen die op zee actief zijn de weg inslaan naar een sterke en levende Noordzee.