U bent hier

25 jaar ARK: Gebiedsontwikkeling

ARK brengt nieuwe ideeën graag in praktijk in voorbeeldgebieden. In 2007 begonnen we aan een voorbeeldgebied in het Weerterbos: een klimaatbuffer avant la lettre. Klimaatbuffers zijn gebieden waar natuurlijke processen de ruimte krijgen en ons zo helpen om de gevolgen van klimaatverandering op te vangen. Sommige klimaatbuffers vangen water op in natte tijden, zodat er een grotere zoetwatervoorraad is ten tijde van droogte. Andere klimaatbuffers verminderen de wateroverlast ten tijde van hoogwater. Het Weerterbos is tijdens deze pilot natuurlijker ingericht, zodat de sponswerking van dit voormalige broekbos verbeterde. Regenwater wordt er nu langer vastgehouden zodat de wateroverlast in bijvoorbeeld Den Bosch en Eindhoven, vermindert (zie ook het blog klimaatbuffers).

Weerterbos 2012 In den Vloed - Foto: Erwin Christis
Weerterbos 2012 In den Vloed - Foto: Erwin Christis

De resultaten in het Weerterbos werden opgepikt door nationale en regionale bestuurders en ARK kreeg in 2010 de kans om ten zuiden van het Weerterbos, midden in het GrensPark Kempen~Broek, een volgende klimaatbuffer te realiseren. Toenmalig gedeputeerde van de provincie Limburg Ger Driessen, was razend enthousiast over de snelle resultaten in het Kempen~Broek. In enkele maanden werd 60 hectare nieuwe natuur binnen het Nationaal Natuurnetwerk aangekocht. Hij zag grote ontwikkelingsmogelijkheden voor dit grensoverschrijdende gebied. Nog in het zelfde jaar gaf de provincie Limburg aan ARK Natuurontwikkeling en Rentmeesterskantoor Van Soest de opdracht tot een brede gebiedsontwikkeling in het GrensPark Kempen~Broek en in het Drielandenpark. Kern van de opdracht was het realiseren van 375 hectare nieuwe natuur in het Nationaal Natuurnetwerk. Naast natuur- en waterdoelen werden in de gebiedsontwikkeling ook andere maatschappelijke belangen zoals landbouw en recreatie bijeengebracht.

ARK is nog steeds heel blij met het vertrouwen dat de provincie ons tot op heden geeft. Het is redelijk uniek dat een kleine particuliere organisatie een dergelijke gebiedsontwikkeling mag realiseren.

Mede dankzij goede resultaten in Limburg, volgde in 2013 een opdracht van de provincie Brabant voor gebiedsontwikkeling in de Maashorst.  In vijf jaar tijd wordt een gebied van 238 hectare – nu nog grotendeels in gebruik als landbouwgrond – omgevormd tot nieuwe natuur. De Maashorst - het gebied tussen de gemeenten Bernheze, Uden, Landerd en Oss – blijft toegankelijk voor recreanten en rustzoekers.

Maashorst
Maashorst

Een blauwdruk voor gebiedsontwikkeling bestaat niet, het blijft elke keer maatwerk. Maar wel hebben we hieronder vijf belangrijke ingrediënten beschreven die nodig zijn voor een succesvolle gebiedsontwikkeling.

1 INTEGRALE AANPAK

Wat de natuurdoelen binnen onze gebiedsontwikkelingen betreft gaan we voor maximaal resultaat. Maar we koppelen het natuurverhaal ook aan andere maatschappelijke belangen. Door over de grenzen van sectorale belangen heen te kijken, dienen zich nieuwe perspectieven aan. De problemen van de ene partij blijken door de ander te kunnen worden opgelost, of het nu om duurzaam waterbeheer, betere landbouwkavels, recreatieve toegankelijkheid of aaneensluiting van natuurgebieden gaat. Dat verklaart voor een belangrijk deel het succes van de integrale gebiedsontwikkeling die we met alle partners realiseren. Vooral in het Kempen~Broek werden er snel resultaten geboekt met deze manier van werken. Via vrijwillige kavelruil en een grondbank wisselden tussen 2010 en 2014 ruim 650 hectare van eigenaar. En daar profiteerde ook de landbouw van: naast 211 hectare nieuwe natuur in het Nationaal Natuurnetwerk kreeg tegelijkertijd 134 hectare landbouwgrond een betere plek.

GRENSOVERSCHRIJDEND WERKEN

Ingeklemd tussen het Nederlandse Wijffelterbroek en het Vlaamse natuurgebied Smeetshof lag het boerenbedrijf van de familie Ooms. Deze landbouwenclave belemmerde lange tijd de verhoging van het waterpeil in de omringende natuurgebieden. In samenwerking met Natuurpunt kocht ARK 27 hectare landbouwgrond van deze familie aan. Die aankoop vormde in maart 2014 het sluitstuk in de ontwikkeling van honderden hectare natte natuur. Met de aankoop van de gronden van de familie Ooms kunnen grazers binnenkort voor het eerst de grens over ‘grazen’.

Boerderij van de familie Ooms, ingeklemd door natuur. Foto: Erwin Christis
Boerderij van de familie Ooms, ingeklemd door natuur. Foto: Erwin Christis

2 PROVINCIE GEEFT VERTROUWEN

De laatste jaren is er flink bezuinigd op de uitgaven voor natuurontwikkeling. Wel kregen provincies steeds meer regie en verantwoordelijkheid voor de realisatie van het Nationaal Natuurnetwerk. Om daadwerkelijk snel en daadkrachtig te kunnen handelen, moest de provincie op hoofdlijnen durven sturen en de daadwerkelijke invulling van de gebiedsontwikkeling overlaten aan ARK en de streek. Dat vroeg dus ambtelijk en bestuurlijk een andere aanpak van de provincie: niet sectoraal maar integraal en niet vanuit controle maar vanuit vertrouwen.

3. FINANCIËLE RISICO’S DURVEN NEMEN

Voor de gebiedsontwikkeling in Limburg en Brabant zijn vooraf prestatieafspraken geformuleerd. Aan het eind van het programma legt ARK verantwoording af over de resultaten en ontvangt daarvoor de overeengekomen prestatievergoeding. Waar de prestaties niet gehaald worden, ligt het financiële risico dus bij ARK. Waar ARK boven verwachting presteert, ontstaan reserves waarmee die risico’s beperkt kunnen worden. In combinatie met duidelijke inhoudelijke beleidskaders en financiële randvoorwaarden weten we zo voortdurend waar we aan toe zijn en hebben we maximale speelruimte om de gewenste resultaten te bereiken. De rol van de overheid beperkt zich tot opdrachtgever die achteraf toetst.

4. SNELHEID ALS KRACHT (EN ALS VALKUIL)

Omdat de doelen bekend zijn, maar niet op perceel- of detailniveau zijn uitgewerkt, ontstaat voor ARK ruimte om kansen te grijpen. We inventariseren de wensen van agrariërs en als de ruilende partijen het eens zijn, kunnen we snel handelen. Dit geeft vertrouwen bij de verkopende boeren: je doet wat je zegt. Op deze manier zijn we met vrijwel alle landeigenaren in gesprek en kunnen we binnen een jaar soms complexe kavelruilen met tientallen eigenaren en honderden hectare realiseren. In 2010 vond de eerste vrijwillige kavelruil plaats en in maart 2014 de zesde in het Kempen~Broek.

Tegelijkertijd zien we dat onze snelheid van handelen ook een valkuil is. Elke verandering heeft tijd nodig. Zeker als het om landschappen gaat waar mensen aan verknocht zijn. We betrekken omwonenden intensief bij ons werk. Hun kritische betrokkenheid houdt ons scherp.

ARK is tijdelijk te gast in de gebieden. Alles is er opgericht om samen met de streek de doelen te realiseren. Deze schets is samen met bewoners van het gehucht Slabroek in de Maashorst gemaakt. De bewoners en ARK gingen in gesprek over de toekomstwensen

5. EIGENHEID VAN DE PLEK

Elk gebied heeft zijn eigen kansen en hindernissen. GrensPark Kempen~Broek had van meet af aan hoge potenties voor de ontwikkeling van natuur: een combinatie van een uitgestrekt agrarisch landschap met een terugtrekkende landbouw en grote kansen voor bijzondere natuur. Een grensoverschrijdend gebied bovendien, met weinig bestaande organisatiestructuren. Hoe anders was de beginsituatie in de gemeenten Vaals en Gulpen-Wittem in het Drielandenpark. Een hooggewaardeerd, kleinschalig cultuurlandschap in het uiterste zuiden van ons land. Het realiseren van robuuste natuurgebieden krijgt in een dergelijk landschap een andere betekenis.

In het Brabantse gebied de Maashorst is het juist weer de uitdaging om de natuurontwikkeling in te vlechten in al bestaande programma’s en overlegstructuren. Hier moeten we aan de streek veel meer duidelijk maken wat onze toegevoegde waarde is.

Paula van Hout, deelneemster voorlichtingsavond in de Maashorst: “De meeste vragen uit de zaal gingen over de grote grazers in de Maashorst en hoe daar mee om te gaan. Maar niet afkeurend. De bezoekers vroegen leergierig en nieuwsgierig om meer informatie, uitleg en verklaringen. Zonder teveel vanuit eigen belangen te reageren werd er een open discussie gevoerd. Het waren Maashorstboeren, recreatie ondernemers, VVV, IVN-ers en leden van de Vogelwacht.

ARK hoopt met haar gebiedsontwikkelingen anderen te inspireren om de handschoen op te pakken. Want particuliere organisaties kunnen met behulp van bovenstaande ingrediënten en goede afspraken met de provincie over geldstromen, succesvol het stokje overnemen van de overheid om samen het Nieuwe Natuurnetwerk te realiseren. ARK zelf blijft zich de komende jaren zeker inzetten voor gebiedsontwikkeling!

25 jaar ARK Gebiedsontwikkeling
25 jaar ARK Gebiedsontwikkeling