rund

rund voelt zich thuis in natuur

Al in de 17e eeuw is het oerrund in Europa uitgestorven. Gelukkig leeft het voort in de honderden meer of minder gedomesticeerde (tot huisvee doorgefokte) runderrassen, maar deze zijn nauwelijks in staat te overleven in de natuur. Toch zijn er in Europa nog runderen, die in een natuurlijke leefwijze passen zoals Heckrund, Galloway en Schotse Hooglander. Naast gras eten de runderen ook houtachtige planten. Hierdoor houden zij het landschap open. Maar de invloed van runderen gaat veel verder: zij schuren tegen bomen, verspreiden zaden via hun vacht, vertrappen de bodem en laten hier en daar hun mest vallen. Dit leidt tot allerlei kansen voor andere dieren en planten om zich bijvoorbeeld te vestigen of te verspreiden.

Onder natuurlijke omstandigheden vertonen runderen een boeiend sociaal gedrag. Dominante stieren leven in stierengroepen, die territoria bezetten in terreindelen waar ook de vrouwelijke dieren zich geregeld ophouden. Vooral in de bronsttijd (mei, juni) wordt de onderlinge dominantie bepaald. Er wordt hevig geloeid en stieren tonen elkaar dan hun dikke gespierde nekken. Ook graven ze stoer in stierenkuilen en gooien de losgewoelde grond over hun rug omhoog. Ook rukken ze met hun horens een stekelige doornstruik uit en lopen stoer met de doornstruik op hun kop rond. Is dat alles niet voldoende om de tegenstand te imponeren, dan gaan alsnog de koppen tegen elkaar en wordt er stevig geduwd en getrokken. De verliezer druipt af en koelt zijn woede op een doornstruik. Stieren die de concurentie na een aantal jaren niet meer aankunnen, trekken zich terug in tereindelen die door de andere dieren gemeden worden. De onderlinge concurrentie tussen stieren zorgt dus voor extra dynamiek in natuurgebieden en een goede spreiding van de dieren over het gebied.

Koeien zijn mobieler en trekken in koeiengroepen rond in hun leefgebied. De kalfjes die geboren worden groeien op in de kudde. Vaak liggen ze in een crèche bij elkaar met een ouder dier als oppas in de buurt. Met een jaar of twee tot drie worden de jonge stiertjes langzaam volwassen en verlaten de koeiengroep en trekken de wijde wereld in op zoek naar een eigen plekje of een stierengroep waar ze welkom zijn. De vrouwelijke dieren blijven in de koeiengroep, die daardoor bestaat uit vrouwelijke dieren die allemaal familie van elkaar zijn. De oudste koe heeft de leiding, totdat ze te oud is en haar dochter het over moet nemen. Wordt de koeiengroep te groot, dan splitst één van de oudere koeien zich af en neemt haar dochters en kleindochters mee.

 Stuur deze pagina door
  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Flickr
  • Youtube